zaterdag in week 20 door het jaar

Gods droom in mensenhanden

Tekst overweging: Kris

Vandaag richten we ons opnieuw naar de eerste lezing uit de profeet Ezechiël. Waar we gisteren hoorden hoe God in het dal van de dorre beenderen opnieuw adem en leven schonk aan een volk dat zichzelf als verloren en dood beschouwde, horen we vandaag hoe zijn heerlijkheid terugkeert naar de tempel en Hij opnieuw zijn plaats inneemt te midden van zijn volk. ‘Hier zal Ik voorgoed blijven wonen te midden van de Israëlieten’, klinkt het aan het einde van onze lezing.

Eigenlijk horen we hier wat op zoveel plaatsen in de Bijbel telkens opnieuw wordt verteld: God laat zijn volk niet in de steek. Mensen kunnen Hem vergeten, andere wegen inslaan, het verbond naast zich neerleggen en elkaar het leven behoorlijk zuur maken, maar God trekt zijn liefde niet in. Ook de ballingschap en de verwoesting van Jeruzalem hebben niet het laatste woord. Ezechiël ziet God terugkeren. Niet omdat Israël alles zo goed heeft gedaan, maar omdat God trouw blijft aan wie Hij is.

Dit is, in de letterlijke betekenis van het woord, een blijde boodschap. Er wordt wel eens aan getwijfeld of dit werkelijk zo is. Maar dat neemt niet weg dat het zo is. Dat is ons geloof. Het is geen troostgedachte die we onszelf aanpraten om het leven draaglijk te maken. Het is ook geen vluchtweg omdat de werkelijkheid anders te zwaar zou wegen. Dat God trouw is en zijn mensen niet loslaat, is voor ons geen mooie gedachte of vrome wens, maar een werkelijkheid waarin wij mogen leven en bewegen.

Dat wil niet zeggen dat de vragen naar God niet ernstig genomen moeten worden. Er zit zelfs iets begrijpelijks in. Mensen stellen zich vragen als: waarom stopt God de oorlogen niet? Waarom maakt Hij geen einde aan armoede en honger? Waarom verhindert Hij niet dat mensen uitgebuit worden, dat kinderen misbruikt worden of dat machtige mensen hun eigen belangen boven die van miljoenen anderen plaatsen?

Wanneer het gaat over oorlog, onrecht, uitbuiting, hebzucht en zoveel ellende die mensen elkaar aandoen, mogen we niet alles naar God doorschuiven. Dat zou echt niet eerlijk zijn. Van Hem zou dan verwacht worden dat Hij als een soort meester tovenaar vanuit de hemel voortdurend ingrijpt wanneer wij mensen weigeren te doen waartoe Hij ons roept.

Van belang is dat we goed beseffen dat God ons de vrijheid en verantwoordelijkheid heeft gegeven om van deze wereld een plaats te maken waar mensen goed kunnen samenleven, waar recht wordt gedaan, waar vrede wordt gezocht en waar niemand uit de boot valt. Jezus noemde die droom van God het 'koninkrijk van God'. En wonderlijk genoeg vertrouwt God ons mensen toe om daaraan mee te werken.

Hij vraagt het aan ieder van ons, in het kleine leven dat ons is toevertrouwd: in ons gezin, onze gemeenschap, onze werkplek, onze straat. Maar Hij vraagt het evengoed in het groot. Hij vraagt het aan politici die beslissingen nemen over oorlog en vrede, aan economische leiders die mee bepalen hoe rijkdom verdeeld wordt, aan geestelijke leiders die mensen kunnen verbinden of tegen elkaar opzetten. Hij vraagt het aan mensen met nauwelijks invloed en aan mensen wier beslissingen miljoenen levens raken. Van groot tot klein klinkt dezelfde uitnodiging: help mee bouwen aan mijn wereld.

En daarin zijn wij ten diepste vrij. Dat is tegelijk iets prachtigs én iets angstaanjagends. We kunnen onze vrijheid gebruiken om lief te hebben, te delen, recht te doen en vrede te zoeken. We kunnen er helaas ook een potje van maken. We kunnen muren bouwen, mensen uitsluiten, rijkdom opstapelen, geweld goedpraten en de andere kant opkijken. God neemt onze vrijheid ernstig. Zijn koninkrijk wordt ons niet opgedrongen.

We zijn geroepen om ‘ja’ te zeggen, met heel ons hart, ons verstand en ons lichaam. En gelukkig, en ook dit mogen we blijde boodschap noemen, hoeven we die opdracht niet op eigen kracht te vervullen. God zegt niet: hier is mijn droom, trek nu maar alleen uw plan. Hij vraagt dat wij ons zo voor Hem openen dat Hij zelf in ons kan werken. In Handelingen klinkt na het overleg van de eerste christengemeenschap die opmerkelijke formulering: ‘De heilige Geest en wij hebben besloten…’ (Hand. 15,28). De heilige Geest en wij. Misschien mogen wij dat als een levenshouding leren: niet alleen ik, niet alleen wij, maar de Geest en wij.

Dat vraagt natuurlijk dat wij ruimte maken. Dat we luisteren. Dat we bidden. Dat we ons laten raken door wat er om ons heen gebeurt en niet zo vol raken van onszelf dat Gods stem nergens meer tussen geraakt. God wil door ons werken. Dat betekent niet dat Hij onze handen neemt en in beweging brengt zonder dat wij daar iets in te zeggen hebben. Zoals gezegd: God eerbiedigt onze vrijheid en dwingt ons ja niet af. Wat Hij wel kan, is ons bezielen. Hij bezielt onze handen zodat ze kunnen dienen. Hij kan onze woorden bezielen zodat ze verzoenen en bemoedigen. Hij kan ons hart openen zodat we geraakt worden door wie lijdt of broos is.

Onze wereld vraagt geen mensen die zich opsluiten in onverschilligheid, cynisme of machteloosheid; ze vraagt geen mensen die geloven dat oorlog nu eenmaal bij de mens hoort, dat armoede er altijd zal zijn en dat je toch niets kunt veranderen. Onze wereld heeft nood aan mensen die zich laten bewonen door Gods Geest en vanuit die Geest hun kleine of grote verantwoordelijkheid opnemen.

Ezechiël zag hoe Gods heerlijkheid opnieuw de tempel binnenging. En hij hoorde: ‘Hier zal Ik voorgoed blijven wonen te midden van de Israëlieten.’ En zo is het nog steeds. God wil nog altijd te midden van zijn mensen wonen. Hij wil aanwezig komen in deze wereld als een God die ons van binnenuit bezielt. Laten ons 'ja' zeggen. Laten we het samen doen.

Laten we bidden

Trouwe God,
U woont te midden van uw mensen.
Maak ons ontvankelijk voor uw aanwezigheid
en leer ons onze verantwoordelijkheid opnemen
voor elkaar en voor deze wereld.
In Jezus' naam.
Amen.

Geliefde mensen, laten we niet ophouden het goede te doen.
Een mooi weekend,
kris


Om mee op weg te gaan

Onze vrijheid wordt vruchtbaar wanneer ze in dienst komt te staan van het goede. Waar vraagt God mijn verantwoordelijkheid?

Reacties

  1. Onze vrijheid wordt vruchtbaar wanneer ze in dienst komt te staan van het goede. Waar vraagt God mijn verantwoordelijkheid?
    Hoeveel mensen zijn er niet gebonden aan gehechtheden, aan 'moeten' :mijn GSM, mijn passie, ik moet nog dit en ik moet nog dat en ik moet nog.....
    Hoe meer we ons overgeven aan de liefde van de Heer , hoe meer we innerlijk vrij worden.
    Hoe meer we ons binden aan Hem, door niet mijn wil te doen ,maar ik verlang om Zijn wil te doen, des te meer worden we vrij : vrij om datgene te doen wat God van ons vraagt :nl . wordt liefde zoals IK liefde ben. Dan zal de wereld er door veranderen. Als we in onze eigen buurt of omgeving al het goede willen doen, dienstbaar zijn waar nodig (ook Jezus stelde Zich ten dienste van anderen), dan kan de wereld veranderen. Zoals het spreekwoord zegt : verbeter de wereld , begin bij jezelf. En dat is een waarheid als een koe. We moeten eerst voor onze eigen deur keren. En als het daar gereinigd is, dan kan ik mij ten dienste stellen van anderen, ook al hoeven we niet zolang te wachten.
    Het goede doen ,de naastenliefde, is het tweede gebod zoals Jezus ons leerde. Het eerste gebod is: bovenal bemin uw God en het tweede sluit erbij aan : uw naaste zoals uzelf.
    Heer, help mij om vandaag weer in Uw dienst te staan en geef mij de mogelijkheid om elke dag het goede te doen. Amen

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wie is werkelijk het centrum in mijn leven?
    Ezechiël ziet in zijn visioen hoe God, stralend de verwoeste stad weer binnenliep. Hoe hij Zijn geest ervaarde, zijn kracht… overal in het Voorhof van de tempel, zelfs Zijn stem hoorde die tegelijk tegen hem sprak.
    En bij Matteüs ervaar je hoe een andere geest een ruimte kan innemen, in een uiterlijke ruimte maar ook innerlijk, in ons eigen zijn, onze eigen tempel.
    En hoe Ezechiël het verhaal dan afrondt met de woorden:
    “Hier zal ik voorgoed blijven wonen, te midden van de Israëlieten, te midden van ons…”

    En hoe beleef ik deze inwoning, waar neem ik mijn verantwoordelijkheid op in deze wereld van vandaag?
    Sinds 3 jaar, woon ik alleen, dicht bij een abdij. En Hij heeft me hier gebracht om in de stilte me verder te vernieuwen, te herscheppen, te herbronnen doorheen de kleinste dingen van elke dag.
    Na 30 jaar opvang te hebben gedaan, beleefd, in een tehuis voor mensen met een alcoholverslaving, het probleem waar ik zelf 10 jaar mee te kampen had gehad.
    Het waren jaren, meer dan intens, waar er gelachen werd, gebeden werd maar ook gehuild of soms gevloekt, maar waar de inwoning van God, doorheen de verwoesting van eens onze eigen tempel, zijn plaats van vernieuwing en herschepping heeft trachten te bereiken. En hier in slaagde, maar soms ook niet...

    Het is vreemd, hoe Hij ons leidt, na al die jaren en waar maar dikwijls Zijn bedoeling, Zijn intenties
    geleidelijk maar druppelsgewijs zichtbaar en begrijpbaar van worden…
    En in de AA-beweging, waar trouwens een week of 2 geleden een prachtige getuigenis op deze blog, van heeft gestaan, wordt een nieuwe wind herkenbaar om God, de Hogere macht, zoals ze Hem hier noemen, een nieuwe, volle plaats te geven.
    Het teruggaan naar de Bron, de oorsprong van heel deze beweging, de oorsprong en centrum van het leven zelf.
    Waar nu, op nationaal vlak, mensen hun handen in elkaar slaan, om dit concreet gestalte te geven.
    Het is wonderlijk, om hieraan mee te werken, te mogen meewerken…
    Om Gods werk verder te zetten, om Zijn inwoning, in deze verwoeste tempels, te laten… herleven, beleven!
    Cecile

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Pater Pio

    Stop niet met het doen van nederige en liefdevolle daden voor God en de mensen; want God spreekt tegen hem die zijn hart nederig houdt voor Hem, en Hij verrijkt hem met zijn gaven. Als God je voor het lijden van zijn Zoon bewaart en je aan je eigen zwakheid wil laten raken, dan is het beter om nederig te zijn, dan om de moed te verliezen. Laat een gebed van overgave en hoop tot God opstijgen als je kwetsbaarheid je val veroorzaakt, en dank de Heer voor alle genade waarmee Hij je verrijkt.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Twee mooie getuigenissen.‘’dankjewel ! Onze “vrijheid “ van zijn en handelen ,kan leiden naar de hel of een stukje hemel op aarde ! Ook Jezus was mens en in zijn wijze van léven vrij ! ALTIJD deed Hij de Wil van Zijn Vader ! Tot de dood aan Het Kruis ! Zijn Pasen, Zijn Verrijzenis is de Vrucht van Zijn Léven gericht op de Wil van God ! Daardoor worden wij uitgenodigd om zonder dwang in het diepste van ons zijn met hart en ziel te doen wát Hij u zeggen zal ! In en door in Zijn Stilte bij Hem aanwezig te zijn en dan écht liefhebben ! Met de Geest van Christus “in ons”!!!Elke dag weer ! Dát is de ware Weg, de Waarheid en het Leven ! Jacqueline

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten