donderdag in week 20 door het jaar
Waar de uitnodiging ons vindt
Tekst overweging: Kris
Jezus vertelt over een koning die voor zijn zoon een bruiloftsfeest organiseert. Alles staat klaar, maar de genodigden willen niet komen. Sommigen gaan verder met hun dagelijkse bezigheden, anderen reageren met geweld op de dienaren die hen komen roepen. Daarop worden mensen van de straten bijeengebracht, goede én slechte. De zaal loopt vol. Toch eindigt de gelijkenis onverwacht met een gast die geen bruiloftskleed draagt en buiten wordt gezet.
Het eerste wat opvalt, is hoe vreemd de weigering van de genodigden is. Het feest is er al, het eten staat klaar, de uitnodiging is gegeven. Ze hoeven alleen nog maar te komen. Toch gaat de een naar zijn akker en de ander naar zijn handel. Op zichzelf doen zij niets verkeerds. Werken, zorgen voor wat gedaan moet worden, contacten onderhouden: het hoort allemaal bij het leven. Ook wij hebben onze agenda, onze plannen en taken die nog op ons wachten.
Maar juist daar wordt de gelijkenis ongemakkelijk. Een leven kan zo vol raken met zogenaamd noodzakelijke dingen dat er nauwelijks nog ruimte overblijft om te horen waar God ons roept. We kunnen druk bezig zijn en ondertussen momenten voorbijlopen waarop iemand onze aandacht nodig heeft, waarop een mens verlangt naar een goed woord, een bezoek of gewoon wat tijd. Hoe staat het dan met onze liefde tot God en tot de medemens? Of scherper gesteld: hoe staat het met ons antwoord op de plaatsen waar Hij ons roept? Horen we die uitnodiging nog, of zijn we zo in beslag genomen door onze eigen netjes opgemaakte agenda dat we eraan voorbijgaan?
Bij sommige genodigden - en zo zijn we terug bij de gelijkenis van Jezus - gaat de weigering nog verder. Zij grijpen de dienaren vast, mishandelen hen en doden hen. Daar klinkt de Bijbelse geschiedenis mee van profeten die Gods woord brachten en juist daarom op weerstand stuitten. Wat God de mens voorhoudt, is immers niet altijd gemakkelijk om te horen. Soms houdt zijn stem ons een spiegel voor en stelt ze vragen bij de weg die we gaan. Wie zich niet wil laten aanspreken, kan proberen de boodschapper het zwijgen op te leggen door hard te reageren of gewoon iemand belachelijk te maken. Ook vandaag zien we dat vaak. Maar het kan veel verder gaan. Wereldwijd worden mensen nog steeds vervolgd omdat zij openlijk voor hun geloof uitkomen, omdat zij onrecht aanklagen of opkomen voor wie geen stem heeft. Sommigen betalen daarvoor met hun vrijheid, anderen met hun leven. Ook onze tijd kent moedige getuigen die laten zien dat trouw aan God en aan gerechtigheid een prijs kan hebben. Het martelaarschap is iets van alle tijden.
Terug naar onze gelijkenis. De koning laat zijn dienaren vervolgens naar de toegangswegen gaan en iedereen uitnodigen die ze tegenkomen. Matteüs voegt er nadrukkelijk aan toe: goede én slechte mensen. De zaal wordt niet gevuld met mensen die eerst bewezen hebben dat zij goed genoeg zijn. Ook mensen met een gebroken verleden, mensen die fouten hebben gemaakt of door anderen zijn afgeschreven, worden binnengebracht. Het feest begint niet bij onze verdiensten, maar bij Gods uitnodiging. Daar gaat het om.
En dan die man zonder bruiloftskleed. Juist omdat iedereen mocht binnenkomen, lijkt zijn behandeling hard. Toch gaat het hier niet over nette kleren of over iemand die zich geen feestgewaad kon veroorloven. Het bruiloftskleed kan hier veeleer gelezen worden als een beeld voor de manier waarop iemand op de uitnodiging antwoordt. Je kunt uitgenodigd zijn en zelfs in de zaal zitten, maar daarmee is nog niet alles gezegd. De uitnodiging wil iets met je doen. Ze vraagt dat je je laat raken door de goedheid die je ontvangen hebt en dat die goedheid zichtbaar wordt in de manier waarop je leeft.
Jezus zegt elders: “Niet iedereen die ‘Heer, Heer’ tegen Mij zegt, zal het koninkrijk van de hemel binnengaan” (Mt. 7,21). Stel dat je ’s morgens tijd maakt voor gebed. Je dankt God voor de nieuwe dag, voor zijn liefde en genade. Je vraagt Hem met je mee te gaan en zegt dat je wilt leven vanuit zijn liefde. Dat gebed kan oprecht zijn. Maar daarna begint de dag. Hoe ga je om met degene die je irriteert? Zie je de mens die aandacht nodig heeft? Kun je vergeven? Deel je van wat je hebt? Geef je Gods liefde werkelijk gestalte? Of laat je Gods uitnodiging achter zodra het gebed voorbij is?
Ook Jakobus zegt het scherp: “Zoals het lichaam dood is zonder geest, zo is ook geloof zonder daden dood” (Jak. 2,26). Gebed en geloof zijn geen versiering rond ons leven. Ze willen vlees en bloed worden in wat we doen. Niet omdat we daarmee onze plaats aan Gods tafel verdienen. Die plaats wordt ons geschonken. Maar wie de uitnodiging werkelijk ontvangt - en dat zijn we allemaal -, kan niet doen alsof ze niets met zijn leven te maken heeft.
Jezus’ slotwoord – “Velen zijn geroepen, maar slechts weinigen uitverkoren” – is daarom geen statistiek over hoeveel mensen uiteindelijk gered zullen worden. Het is een ernstige oproep om Gods uitnodiging niet alleen te horen, maar haar ook werkelijk te beantwoorden. Alles staat klaar. De uitnodiging is er. De vraag is wat wij ermee doen.
Laten we bidden
Heer,
U nodigt ook ons uit aan uw tafel.
Geef dat wij niet alleen luisteren naar uw woord,
maar het ook zichtbaar maken
in de manier waarop wij leven.
In uw naam bidden wij.
Amen.
Geliefde mensen, laten we dankbaar naar het feest gaan en het passende kleed dragen.
Een mooie donderdag,
kris
Om mee op weg te gaan
God roept ons vaak midden in het gewone leven, onverwacht en soms ongelegen. Ben ik beschikbaar wanneer zijn uitnodiging mijn plannen doorkruist?
Het draait inderdaad wel rond het ‘bruiloftskleed’ dat gereed ligt of niet.
BeantwoordenVerwijderenEn niet alleen in de kast, maar wel al gekleed aan mij of… in mij?
Vreemd, maar wel mooi!
En gelukkig Kris, zoals je het ons zegt, is ‘iedereen’ uitgenodigd, de slechten en de goeden.
Gelukkig maar…
Ik begrijp hier hoe God, de bruiloft van Zijn Zoon, beschrijft als eenheid, vereniging tussen Hem en de mens. Zoals trouwens ook in ons aardse huwelijk.
En waar het accent ook ligt op:
“Ben ik gereed, ben ik bekleed met de ‘echte liefde’ om in deze eenheid binnen te treden”?
Ik geloof dat ik mag zijn wie ik ben, als ik me maar ‘laat’ omvormen, bekleden voor dit feest van de Koning.
Me laten bekleden tot die nieuwe mens, waar het antwoord ligt in mijn ‘Ja-woord’.
En ik dacht spontaan aan Maria, haar plaats in heel dit gebeuren.
Velen hebben belangrijke, belangrijkere dingen te doen, maar Maria was, of liever, is beschikbaar.
“Mij geschiede naar Uw woord.”
En op het Bruiloftsfeest van Cana, maakt ze ‘ons’ beschikbaar om binnen te treden op deze uitnodiging:
“Doe maar wat Hij u zeggen zal”…
Laat het water maar omvormen door Hem in wijn, als een wonder in elk van ons ‘zijn’.
En dat zich dan ook, manifesteert, elke dag opnieuw!
Cecile
"Ze vraagt dat je je laat raken door de goedheid die je ontvangen hebt en dat die goedheid zichtbaar wordt in de manier waarop je leeft."
BeantwoordenVerwijderenDe geur van uw gewaden is als de geur van wierook" (Hooglied 4,11 LXX).De diepere betekenis van deze woorden leert ons waarop een deugdzaam leven gericht is. Het doel van een heilig leven is immers steeds meer op God te gaan lijken. Daarom streven mensen die God zoeken naar zuiverheid van hart en naar vrijheid van alles wat hen gevangenhoudt, zodat in hun leven iets zichtbaar wordt van Gods eigen schoonheid. Maar een deugdzaam leven bestaat niet uit één enkele eigenschap. Zoals een kledingstuk wordt geweven uit vele draden die samen één geheel vormen, zo wordt ook een heilig leven opgebouwd uit vele deugden. De apostel Paulus noemt onder andere: liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid (vgl. Gal. 5,22). Samen vormen zij als het ware het gewaad van degene die het oude, vergankelijke leven aflegt om zich te bekleden met het nieuwe leven van Christus. (cf. 1 Kor 15,53). (…) Dat is de betekenis van deze woorden uit het Hooglied. Het is alsof Christus tot de ziel zegt:“Mijn bruid, jouw gewaad van deugden weerspiegelt iets van Gods eigen gelukzaligheid. Door de zuiverheid van je hart en de vrijheid van je liefde ga je steeds meer lijken op Hem die alle begrip te boven gaat.”
BeantwoordenVerwijderenHL Gregorius van Nyssa ca 335-394
Telkens weer bij het ontwaken worden wij op de uitnodiging van Zijn Zoon verwacht !!! En ja die goedheid beantwoorden wij die met vergeving,gastvrijheid,goedheid en vooral oprechte liefde ? Ook ik niet altijd (dan voel ik mij als niet uitgenodigd wél door mijn eigen schuld ) Gelukkig ken ik ook de grote vreugde aan Zijn Tafel toch mee te zitten ! Als ik na gebed ,Eucharistie en meditatie ook mij bekleed met de nieuwe Mens !!!Jacqueline
BeantwoordenVerwijderenDat is het, Jacqueline. Dat bruilofstkleed werd gegeven aan de ingang van de bruilofstzaal. Het was een soort overgooier. Voor ons is dit bruiloftskleed ons doopkleed, toen wij bij ons doopsel Christus aangetrokken hebben als een kleed. En Christus is de nieuwe Mens!
VerwijderenBeste Daniël,
Verwijderendank je wel voor deze mooie en waardevolle aanvulling. De verwijzing naar het doopkleed sluit inderdaad aan bij een rijke christelijke traditie waarin de gedoopte Christus als een kleed aantrekt en geroepen wordt te leven als een nieuwe mens.
Toch denk ik dat de vraag die Jezus in deze gelijkenis oproept nog wat verder reikt. Het bruiloftskleed kan ook gelezen worden als het kleed van onze beschikbaarheid, ons ja-woord en onze concrete liefde. Het doopsel is immers een gave van genade, maar neemt ons persoonlijke antwoord op die genade niet weg. De gelijkenis, of de beeldspraak, zegt dat de man zonder bruiloftskleed wel op de uitnodiging is ingegaan, maar zich niet door die uitnodiging heeft laten omvormen. Naar mijn bescheiden mening ligt precies daar de scherpte van dit evangelie: niet alleen uitgenodigd zijn telt, maar ook de vraag of wij met ons leven ja zeggen op wat ons geschonken wordt.
Van harte, kris
Juist Chris!
Verwijderen